12 september 2007

De politieke keuze van Denijs en Geertruida van den Bos: de CHU

Gedurende het interbellum(1919-1939) en de jaren na de Tweede wereldoorlog (het algemeen mannen- en vrouwenkiesrecht dateert uit 1917 resp. 1919) kozen Denijs van den Bos (1896-1966) en Geertruida van den Bos-Nievaart (1899-1992) tijdens kamerverkiezingen voor de Christelijk-Historische Unie, de partij die in 1908 was ontstaan door het samengaan van de Christelijk-Historische partij (van 1903) en de Friesch-Christelijk Historischen. De CHU zag de overheid niet als orgaan van het volk of de volksvertegenwoordiging, maar als Gods dienares, aan Wie zij haar gezag ontleent. De CHU was bij uitstek de partij van de drieslag "God, Nederland en Oranje." Het waren behoudende anti-revolutionairen geweest die de ARP hadden verlaten en zich onder leiding van De Savornin Lohman in de CHU hadden verzameld. De CHU rekruteerde haar aanhang met name uit leden van de Hervormde kerk.Het partijverband was losjes. Voor de oorlog was CHU-leider de Geer twee maal premier van ons land. Fractievoorzitters van de CHU in de Tweede Kamer waren in de jaren 1908-1921 De Savornin Lohman, van 1921-1925 Schokking, van 1929-1933 opnieuw Schokking, van 1932-1933 Henkemans en van 1933 tot 1939 de Geer. Tilanus was van 1939 tot 1963 fractievoorzitter. Van 1963 tot 1967 was dat Beernink en van 1973 tot 1977 Kruisinga.

7 september 2007

De 'seventies' of het ik-tijdperk

Met kerstmis 1979 verscheen een themanummer van de Haagse Post waarin werd stil gestaan bij de geschiedenis van de jaren zeventig. Daar werd voor het eerst gesproken over het ik-tijdperk . De jaren zeventig-jaren die voor mij staan voor een gelukkige periode, een gelukkige kindertijd. Het waren de jaren van de schrootjes en interieurs met veel oranje, bruin en geel. Politiek gezien waren het de jaren waarin door de publicatie van het Rapport van de Club van Rome in 1972 de zorg om het milieu toenam, de mondigheid van de burger centraal kwam te staan en vrouwen en minderheden zich meer en meer begonnen te emanciperen. Tegelijkertijd was er zorg om een teloorgang van normen en waarden in bepaalde kringen en zorg om al te sterke individualisering en drugsgebruik. Het waren de jaren van Toppop en punk, van de oliecrisis en de rede van premier Den Uyl op 1 december 1973 naar aanleiding van diezelfde eerste oliecrisis, veroorzaakt door de reactie van Nederland op de Jom Kippoeroorlog en de steun aan Israel. Mensen kwamen losser van kerk en familie te staan en de samenleving werd steeds diverser. De individualisering sloeg toe na de jaren zestig en de samenleving werd meer en meer gezien als een verzameling zelfstandige individuen met uiteenlopende keuzes. Mensen vielen van hun geloof en werden liberaler. Er kwam ruimte voor ongehuwd moederschap, ongehuwd samenwonen en homosexuele relaties. In sommige kringen werd gesproken over het uiteenvallen van de samenleving." Het themanummer van de Haagse Post uit december 1979 benadrukte nog met name de positieve kanten van het ik-tijdperk, maar daartegenover begon zich een groep mensen af te tekenen die zich zorgen begon te maken over de schaduwzijden ervan, de bandeloosheid en de ontsporingen binnen communes. Dat waren de conservatieve krachten. Aan het eind van deze maand september zijn via het themakanaal geschiedenis op internet programma's uit en over de jaren zeventig te zien en te beluisteren. Gaarne aanbevolen!

6 september 2007

Woensdag 11 juni 1975- een schooldag

Op woensdag 11 juni 1975, vier jaar voor het overlijden van grootmoeder Anna Bavelaar-van den Eijkel, schreef ik het volgende in mijn dagboek: "Vandaag heb ik veldgym gehad. Het is mooi weer: 23 graden ongeveer. We hebben hardlopen gedaan en cassiebal. Op school had ik een 10 voor cijferen en we kregen aardrijkskunde. Om half tien kwam dhr Lankhout, de hoofdmeester ons halen. We gingen op de fiets. Mijnheer Logger kon ons niet halen, want hij moest op de Boshuizerkade (veld) allemaal palen klaarzetten. Het is nu kwart over twaalf. Vanavond om 20.45 uur komt Studio Vrij op tv. Daar ga ik naar kijken. Ik ben nu 11 jaar en 25 november word ik 12 jaar. Johnny is in de tuin aan het spelen, hij is 4 jaar. Mijn moeder stofzuigt en mijn vader is op werk, maar hij komt zo thuis (Hij is niet gekomen). We gaan bijna eten en dan ga ik tv kijken: Black Beauty en Swiebertje (herhaling). Morgen schrijf ik weer. Rob v.d. Berg is ook nog geweest en nu is mijn oma er (Bavelaar). Ze is 65 jaar."

3 september 2007

Arie en Cock van den Bos op Kos

Vanmiddag, 3 september 2007, belde mijn vader me vanuit Kos-stad op het eiland Kos. Hij verblijft daar met zijn vrouw Cock voor de duur van tien dagen. A.s. donderdag keren de beiden terug van het momenteel zonovergoten Griekse eiland. Het is er nog steeds zeker 35 graden Celsius, maar bosbranden hebben zich daar niet voorgedaan zoals wel elders in het midden van Griekenland en op de Peloponnesos. Arie en Cock maken fietstochten op het eiland en zullen morgen een auto huren voor een wat uitgebreidere rit. Gevraagd naar zijn gezondheidstoestand meldde Arie dat hij zich best goed voelt. Later deze maand wordt hij in het LUMC opnieuw onderzocht.

29 augustus 2007

Nogmaals de naoorlogse periode

Vandaag, 29 augustus 2007, is het 44 jaar geleden dat Arie van den Bos en Lena Dieuwertje Bavelaar in het huwelijk traden. Vandaag kijk ik weer terug naar het verleden en met name naar de jeugdjaren van onze beide ouders. Zoals in een eerdere bijdrage vermeld, verscheen begin jaren '70 het boek ''Tegels lichten" van H.J.A. Hofland- "Ware verhalen in het land van de voldongen feiten". Hofland schildert een beeld van het naoorlogse Nederland en benadrukt de restauratie van het bestel na 1945. Van 1945 tot 1950 speelde de Indonesische kwestie en moest een antwoord worden gevonden op het Aziatisch nationalisme. Daarbij wilde men eerst orde en gezag herstellen in "Ons Indie" om vervolgens te praten over zelfstandigheid. Het is deze zomer precies 60 jaar geleden dat de eerste politionele actie plaatsvond. Hofland stipuleert dat dankzij de koloniale affaires het bestel vaster in het zadel is gekomen. De pers werkte daaraan mee, was volgens Hofland een ''vazalpers". In 1956 kwam de 'Greet Hofmans-affaire' naar buiten en de Nederlandse dagbladpers omzeilde de waarheid. Ook de Koude oorlog heeft de positie van het bestel versterkt. Er was een duidelijke zwart-wit tegenstelling tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Discussie was onmogelijk. Daarnaast heeft ook de welvaart bijgedragen aan de restauratie van het bestel. Mensen verzoenden zich met de samenleving en de welvaart stemde de mensen tevreden. Er was echter een probleem dat rees en dat was het vraagstuk van de verdeling van de macht. Verzet rees pas in de jaren zestig en dit luidde het begin van het verval in van het bestel. Verzet rees eerst van rechts: de boerenpartij. Een malaisestemming heerste binnen de politiek en in 1958 kwam een einde aan de samenwerking tussen socialisten en confessionelen. Tot 1963 bleef het echter nog tamelijk rustig. Maar dan breekt de oppositie los, hetgeen ook blijkt uit televisieprogramma's als "Zo is het toevallig ook nog eens een keer", wegbereiders voor "provo". Dit proces resulteert onder meer in de rellen van 1966 in de hoofdstad. Er is dan sprake van grote ontreddering bij de autoriteiten en Nederland heeft dan te maken met niet veel minder dan een gezagscrisis. Nieuw-links komt op en ook D'66 wordt opgericht. Hofland beargumenteert dat zich vanaf 1945 (tot ca. 1970) twee revoluties hebben voltrokken: 1)Van een groot koloniaal rijk naar een kleine internationaal georienteerde natie 2) Culturele revolutie vanaf ca. 1955-1956 in de westerse wereld. Met name wat betreft de jeugdcultuur. De film 'Rock around the clock' werd in 1956 in Apeldoorn verboden. Veranderende opvattingen over taboes. Een derde, in 1972 nog in gang zijnde revolutie was volgens Hofland die van de herverdeling van macht. Met name ook van macht binnen bedrijven.

23 augustus 2007

Paasvakantie 1974

Het was in het voorjaar van 1974 dat we paasvakantie hadden. Ik schreef daar toen het volgende over: "In de paasvakantie ben ik naar mijn opa geweest. Dat was erg leuk. Dat is eigenlijk mijn vaders Opa (Arie Schaft (1893-1980) was in september 1973 weduwnaar geworden na het overlijden van zijn vrouw Elizabeth Schaft -van Welzen). Wij hadden wel 60 eieren in huis en er zijn er nu nog 5 van over. In de paasvakantie heb ik ook gedamd met mijn vader. Mijn oma en opa zijn ook geweest. Ze namen een paasei mee. In de vakantie heb ik geverfd en mijn broertje, die 3 jaar is, verfde mee. Het was erg leuk, maar hij gooide het potje met water wel om en dat was niet zo leuk. Het was een hele leuke vakantie met veel plezier. "

16 augustus 2007

September 1973: Juliana 25 jaar vorstin

Begin september 1973 vierde koningin Juliana haar 25-jarig jubileum als regerend vorstin. Op woensdag 5 september had heel Nederland vrijaf. Ik schreef op 6 september 1973 het volgende: "Gisteren ben ik met mijn vader, moeder en broertje naar muziekkorpsen gaan kijken. Een man had zijn pet vergeten. De man voorop gooide de stok heel hoog en ving hem heel handig op. Daarna gingen we naar de stad, bij V&D stond een snoeptent en een draaimolen. Mijn broertje ging in een brandweerauto en ik op een motor. Op de Breestraat stonden ook allemaal kraampjes. Het was daar een drukte van belang. Mijn moeder wilde nog wat kopen, maar het was veel te druk. De vlag van het stadhuis hing ook uit. Daarna gingen we naar mijn tante (Trudy). Daar waren ook allemaal kraampjes en kinderspelen. Ballen gooien enz. Er was ook ijs verkrijgbaar. Heerlijke vanille-ijs voor maar 25 cent. Overal waren kinderen met vlaggen te zien. Toen gingen we naar huis. Toen ik uit de auto stapte, zag ik in de lucht een luchtballon. Daar zaten mensen in het rieten bakje. De mensen zwaaiden en ik zwaaide terug. Daarna gingen we naar binnen. Het was vijf uur. 's Avonds zouden mijn vriendjes en ik met fakkels op straat gaan lopen. Dat gebeurde toen. Om zeven uur begonnen we en kwart over acht hielden we op. Toen was alles weer gewoon."

10 augustus 2007

Zomer 1972-pas verhuisd naar de Carneoolstraat

In de zomer van 1972 schreef ik op 8-jarige leeftijd het volgende: "Mijn moeder is druk aan de schoonmaak. Maar niet voor de vakantie, nee. Wij zijn verhuisd en toen kwam er in dat nieuwe huis een verbouwing. Want ik kreeg een nieuwe wasbak op mijn kamer. En nu hebben we in de douche een gekleurde wasbak, een oud roze, heel mooi en een nieuwe mengkraan. Toen moest alles opengebroken. Het was toen een hele grote rommel. Vandaar dat mijn moeder moest schoonmaken. Dat was een heel karwei. Daarom ging ik wel eens helpen. In de vakantie gaat mijn vader een paar dingen opknappen. Verven, want er waren kastjes en die hebben we ergens anders gehangen. Nu zie je precies die afscheiding. Dat is niet mooi. Maar als mijn vader het verft, zie je er niets meer van. Mijn vader werkt bij de Rijnlandse bouwmaterialenhandel, Korswagen en daar verkopen ze sierblokken. Die willen we hebben, want we willen achter een muurtje van sierblokken hebben. Want achter is alleen maar ijzerdraad en een paar paaltjes."

5 augustus 2007

65e Huwelijksdag Janny en Nijs van den Bos

Vandaag is het 5 augustus 2007 en dus precies 65 jaar geleden dat onze ouders en grootouders Janny en Nijs van den Bos op het Leidse stadhuis in het huwelijk traden. Het gebeurde op 5 augustus 1942, middenin de bezettingstijd. Vandaag is een dag vol weemoed, juist ook omdat zowel Janny als Nijs niet meer leven. Op 26 maart 1988 overleed Denijs van den Bos op 70-jarige leeftijd, j.l. 9 mei 2007 ging moeder en grootmoeder Janny op de leeftijd van 88 jaar van ons heen. Op 12 maart 2008 zal het 90 jaar geleden zijn dat opa Nijs geboren werd, terwijl we op 5 januari 2009 de 90e geboortedag van Jansje zullen herdenken. De huwelijksakte van de beiden wordt over precies tien jaar openbaar: op 5 augustus 2017, 75 jaar na de voltrekking van het huwelijk.

1 augustus 2007

De fifties- of toen Nederland nog "onbedorven" was

Ik vind het goed af en toe een blik achterom te werpen. Terugzien op het verleden is niet alleen vanuit nostalgisch oogpunt fijn en prettig, het biedt ons ook de mogelijkheid om te onderzoeken hoe het allemaal zo gekomen is en wie we ook al weer waren en zijn. Zonder verleden geen toekomst, is mijn devies. Nederland is nog steeds enigszins in verwarring, weet niet goed wat zijn identiteit is en door het opstellen van een historische canon heeft men tegenwicht willen bieden aan die verwarring en het gevoel de weg kwijt te zijn. In deze bijdrage wil ik ingaan op de jaren vijftig- jaren van grootheid , zoals Joshua Livestro ze getypeerd heeft. Begin jaren zeventig begonnen tal van studies te verschijnen over de ''fifties", waarvan de bekendste het boek 'Tegels lichten'' van Henk Hofland is. De jaren vijftig waren de jaren van de grootscheepse industrialisatie . De lonen bleven relatief laag. Ondanks enige loonsverhogingen in 1954(gecontroleerde loongolf) en ook later in deze jaren (de liberale loongolf van 1958), duurde het tot 1963 voordat de eerste echt grote loonexplosie een feit was. Waren de jaren vijftig nu die conservatief-gezapige jaren of was er al iets van de bruisende sixties onderhuids aanwezig? Daarover wordt verschillend geoordeeld door de historici. Hofland benadrukt het restauratieve karakter van deze jaren en het herstel van het bestel. De doorbraak van de PvdA slaagde echter wel ten dele, met name in protestants-christelijke richting. In 1952 ging de ARP met de PvdA regeren. De ontkerkelijking zette door en het percentage randkerkelijken steeg enorm. De jaren vijftig zou men ook kunnen zien als jaren waarin een beschavingsoffensief ter hand werd genomen, jaren van een anti-revolutie. Livestro ziet een groot nationaal zelfbewustzijn in deze jaren. Drees-premier van Nederland in de jaren 1948-1958- twijfelde geenszins aan dit nationale zelfbewustzijn. Dit bewustzijn werd in de jaren zestig grotendeels met de grond gelijk gemaakt, toen een cultuur van "Weg met ons!" ontstond. De jaren vijftig waren ook jaren waarin angst een rol speelde: de angst om van buitenaf door de Russen bezet te worden en van binnenuit de ontwrichtende werking van de binnenlandse geboortegolf (babyboom!) te moeten ervaren. De jaren'60 generatie benadrukt met name het conservatisme van de fifties, het in zichzelf gekeerd zijn. De conservatief Livestro ziet echter ook de amerikanisering, de toestroom van Amerikaanse producten en de Europeanisering als kenmerkend voor dit decennium. Graag kom ik later nog terug op dit zo interessante decennium van de jaren vijftig.

24 juli 2007

Dankbetuiging aan familie, vrienden en kennissen

Vandaag is een dankbetuiging uitgegaan aan degenen die hebben meegeleefd tijdens de ziekte en na het overlijden van Jansje van den Bos-Schaft (1919-2007). De betuiging luidt als volgt: Wij betuigen familie, vrienden en kennissen onze oprechte dank voor het medeleven en de belangstelling ondervonden tijdens de ziekte en na het overlijden van onze moeder, schoonmoeder, oma en kleine omaatje Janny van den Bos-Schaft Het medeleven, persoonlijk, schriftelijk of in de vorm van bloemen tot uiting gebracht, was ons een grote troost en zal steeds een dankbare herinnering blijven. Kinderen Kleinkinderen Achterkleinkinderen Leiden, juli 2007

20 juli 2007

Arie van den Bos(62) volbrengt Vierdaagse Nijmegen

Arie van den Bos(62), ons aller vader en grootvader, heeft vanmiddag om drie uur de Vierdaagse van Nijmegen volbracht. Ook vorig jaar deed hij -samen met dhr. Huub Verhage- mee aan deze befaamde Nederlandse wandeltocht, maar toen werd deze al na de eerste dag afgelast vanwege ongelukken met hartpatienten wegens het hete weer toen. Arie van den Bos, die een fervente wandelaar is, is lid van een wandelclub. Hij heeft al heel wat kilometers in de benen. De vierdaagse van Nijmegen behelst het lopen van een 160 km lang traject: 4 x 40 km. Het was goed wandelweer dit jaar. Alleen vanmiddag trokken bij de intocht regenbuien over de wandelaars en was het raadzaam een paraplu bij de hand te hebben.

11 juli 2007

Een fantastisch retourtje Den Haag-dinsdag 10 oktober 2006

Op dinsdag 10 oktober 2006 ben ik met Joyce Rotteveel naar Den Haag geweest. Ik schreef daarover het volgende verslag: Dinsdag 10 oktober 2006 is voor mij een historische dag geworden. Historisch in meerderlei opzicht. Vanwege het historische karakter van ons bezoek en vanwege het feit dat ik die dag niet licht zal vergeten. Om kwart over negen kwam Joyce me al ophalen. Ik had niet best geslapen, had me wat nerveus gemaakt, maar dat was een gezonde spanning. Nadat we de auto -na enig heen en weer gerij- uiteindelijk hadden kunnen parkeren, zijn we op de trein gestapt op Leiden Centraal. De trein naar Den Haag zoefde snel. Dit op zich was al weer een ervaring voor me. In Den Haag aangekomen, bezochten we het Mauritshuis bij het Binnenhof. Het Binnenhof ligt op loopafstand van het Centraal station. Het Mauritshuis herbergt een unieke collectie schilderijen. Van Rembrandt, Rubens, Potter tot Saenredam en vele andere Hollandse schilders. We kregen een audioset mee, zodat we door op een bij een bepaald schilderij behorend nummer te drukken, via onze koptelefoon uitleg konden krijgen bij een bepaald schilderij. Het Mauritshuis is een uniek museum. Op 19 oktober 2006 openen Willem-Alexander, Maxima, Filip en Mathilde er de expositie "Rubens en Brueghel samen." Nadat we het Mauritshuis bezocht hadden, zijn we -onder meer ook na een prachtige wandeling rond de hofvijver- richting Lange Poten gelopen, waar om twee uur het vragenuurtje van de Tweede Kamer zou beginnen. We waren al wat eerder, maar uiteindelijk konden we om half twee dan toch naar binnen. Dit was echt iets unieks. De Tweede Kamer nu daadwerkelijk bijeen te zien, met al die kopstukken uit de Nederlandse politiek. Ik zag minister Hirsch Ballin, natuurlijk de scheidende kamervoorzitter Frans Weisglas, Mat Herben van de LPF, Boris Dittrich, Boris van der Ham, Diederik Samsom, Saskia Noorman, de dochter van wijlen Joop den Uyl, Gerda Verburg en natuurlijk Geert Wilders die alleen al door zijn haardracht natuurlijk sterk opvalt. Eerdmans stelde vragen aan Hirsch Ballin over het Nederlandse TBS-beleid en hield de Telegraaf omhoog met het nieuws van de ontsnapte TBS-er in Rotterdam. Gerda Verburg sprak later over de reintegratie van mensen met een handicap op de arbeidsmarkt. Toen het kwart voor drie geworden was, gingen Joyce en ik ons opmaken voor het bezoek aan de Ridderzaal. Daarvoor hadden we ons eerder op de dag aangemeld. We kregen een zeer interessante film te zien over de geschiedenis van het Binnenhof en de Ridderzaal. Cruciaal in dit verband is het jaar 1904 toen de Ridderzaal opnieuw werd ingericht. Sindsdien wordt er ook de troonrede voorgelezen. Joyce maakte nog wat foto's en na half vijf vertrokken we -nadat we nog een cola gedronken hadden op een terrasje- per trein weer naar Leiden. De dag werd besloten met een voortreffelijk etentje in Oegstgeest. De eetgelegenheid heette "Bij Raymond" en bracht ons een meer dan smakelijke afsluiting van de dag. Ik had onder meer een Hollandse garnalencocktail en een tournedos. Overheerlijk!

7 juli 2007

De positie van de lakenwerkers na 1650

De positie van de lakenwerkers in Leiden verslechterde geleidelijk vanaf 1650. De reele lonen brokkelden vanaf 1650 af. Geleidelijk werd de financieel-economische situatie slechter. Jaren van excessieve duurte waren 1699, 1709 en 1740. Ook voorouders Van den Bos hebben in deze jaren waarschijnlijk grote moeilijkheden gekend. In de 18e eeuw ging daarnaast ook sterke drank het sociale leven beheersen in Leiden. Een vers luidde als volgt:" Het is onmogelijk dat de wever, kan werken zonder de jenever, Droogscheerder, spinner, schobbelaar, die klagen over wol en schaar, zo hij jenever moet ontberen." Het sociale leven begon zich in de loop van de 18e eeuw steeds meer af te spelen in het "vaantje" ofwel de tapperij. Arbeiders zagen elkaar op het werk en in hun vrije tijd. De arts Le Francq van Berkhey merkte in ongeveer 1776 op dat het aantal jeneverkroegen in Leiden de laatste jaren sterk was toegenomen.

1 juli 2007

Onze vakantie in Spanje in juli 1981

In juli 1981 verbleven we een aantal weken in Spanje. Op zaterdag 4 juli 1981 schreef ik het volgende in mijn dagboek: Donderdagmorgen 2 juli 1981 zijn we om ongeveer 5 uur 's ochtends naar Spanje vertrokken. Na wat moeilijkheden met de auto van dhr. Kinkel in Noord-Brabant, zijn we op vrij voorspoedige wijze Frankrijk binnengekomen. Bij Parijs werd het warmer en werd het drukker (verkeersknelpunt!). De Eiffeltoren zagen we vanuit de verte, maar verder zagen we nog niet veel. Brussel waren we trouwens ook nog doorgereden. Ook dat is een mooie stad. Nabij Lyon, in het plaatsje Villefranche hebben we overnacht. We hebben ons daar opgefrist en hebben toen nog wat in d eomgeving rondgekeken, waar niet veel te beleven viel. 's Avonds om +- 8uur gebruikten we de avondmaaltijd, wat bestond uit soep, aardappelpuree, biefstuk, kaas, kwark, vruchten en koffie. We hebben er goed geslapen en 's ochtends om ongeveer half negen hebben we een eenvoudig ontbijt gekregen (thee, croissants, choco, koffie, stokbrood, marmelade).Toen we in Villefranche aankwamen, was het erg warm weer. Toen we vertrokken, was het iets koeler en regende het. Naarmate we meer en meer richting Spanje gingen, werd het warmer en warmer.

25 juni 2007

Mijn bezoek aan Rome in oktober 1980

In oktober 1980 bezocht ik Rome en Vaticaanstad. Op zaterdag 11 oktober 1980 schreef ik in mijn dagboek: 'We hebben vanmiddag een wandeling gemaakt door Rome aangezien we een onverwachte vrije middag kregen. Het stortregende en het is te begrijpen dat we doorweekt waren. Om half een zijn we naar het Thermenmuseum geweest, waar ik nog een blikje cola heb gedronken. Morgenochtend, zondag 12 oktober 1980 gaan we naar een kerkdienst en een wandeling maken. A.s. maandag brengen we een bezoek aan het Vaticaan. Het is nu middernacht en we zijn zojuist terug van een bezoek aan het Musei Capitolini, het oudste museum van Rome. Ik heb daar een boek gekocht. We zijn nu weer in de Via Palestro, Pensione Cervia te Rome. "' Zondag 12 oktober 1980: Het is nu bijna negen uur en we gaan naar de kerk (St. Paulus buiten de muren). Verder zullen we vanmiddag een wandeling gaan maken. Hoe het programma er verder uitziet, weet ik niet. We zullen wel zien. Het weer is nog steeds wisselvallig, tamelijk lage temperaturen. Nog zo'n vier dagen en Rome zit er weer op.Ik begin blaren aan mijn voeten te krijgen van het vele lopen. Vanmiddag om 15.00 uur moeten we ons weer verzamelen in de hal. We gaan dan weer naar een museum. Morgen naar het Vaticaan, dinsdag busdag en woensdag Ostia antica. Donderdag, de laatste dag, bekijken we het Colosseum, het Etruskisch museum e.d.Het regent nu nog steeds en het is bijna tien over twee.

18 juni 2007

De 'sixties', jaren die tot de verbeelding spreken

Meer nog dan de oorlogs- en bezettingsjaren (1940-1945), waren de jaren zestig een breukpunt in de geschiedenis van de twintigste eeuw. De 'sixties' waren en zijn een tot de verbeelding sprekend decennium, jaren van muzikale hoogtepunten, de musical 'Hair', een taboedoorbrekende musical, de jaren van 'vrijheid - blijheid' en de jaren waarin grote Vietnamdemonstraties plaats vonden en er tegen de Vietnampolitiek van president Johnson werd geprotesteerd. De televisie veroverde de huiskamer, er kwam een auto (ook grootouders Van den Bos kregen een blauwe kadett), de woonkamers werden 'doorgeslagen' en er kwam vaste vloerbedekking. Het was de tijd van de Beatles en Bob Dylan, die maatschappijkritische songs zong tegen wapenhandel en rassendiscriminatie. John Lennon riep op tot vrede en idealisme. Het was de tijd van de bloemenkinderen en de 'flower power'. Er was nog een groot geloof in vooruitgang en in de goedheid van de mensen, voortgestuwd door muziek en literatuur. Bob Dylan zong over de veranderende tijden: Er komen andere tijden. Er is over deze jaren een prachtig boek geschreven door Hans Righart, de veel te jong overleden historicus:"De eindeloze jaren zestig". Hierin spreekt Righart over de dubbele generatiecrisis van destijds, een crisis die eind jaren vijftig begon en tot begin jaren zeventig voortduurde. Jongeren kwamen in opstand tegen de maatschappij en de ouderen hadden geen antwoord op het jongerenprotest. ZIj wisten ook niet hoe het moest. Er heerste een groot crisisbesef bij de oudere generatie.

10 juni 2007

Vakantie Oostenrijk Janny en Nijs van den Bos juli 1962

Spoedig zal het 45 jaar geleden zijn dat Jansje en Nijs van den Bos een vakantie in Oostenrijk doorbrachten. Opa Denijs van den Bos (1918-1988) schreef een verslag, waaraan we de volgende informatie ontlenen. Op 5 juli 1962 vertrokken ze om vijf over half zes ' s ochtends per bus vanaf het Leidse stadhuisplein. Via Den Haag en de Apeldoornse weg reisden ze naar Schiedam. Toen verder naar Rotterdam en Utrecht waar ze overstapten op een bus die een pendeldienst op Kirchberg in Oostenrijk reed. Om tien voor half negen vertrok men vanuit Utrecht naar Elten waar om 10.30 uur de koffie werd gebruikt. Daarna werd de reis voortgezet naar Duitsland. Buschauffeurs heetten Andre en Siem. Een van hen gaf uitleg van wat er langs de weg te zien was. Om drie uur werd een Rasthaus opgezocht. Om zeven uur die 5e juli 1962 kwam men 's avonds aan in Hotel Post te Plieningen bij Stuttgart. Na gedineerd te hebben zijn onze grootouders een wandeling door het dorp gaan maken. Na een kop koffie gedronken te hebben, ging men om half elf naar bed. Op 6 juli 1962 heeft men prima ontbeten. Om half zeven is men die ochtend dan weer vertrokken. Het was die dag prachtig weer en via Munchen is men om half elf die ochtend voor een koffiepauze bij een Rasthaus gestopt. Er was druk verkeer en men is daarna non-stop naar de Oostenrijkse grens gereden. Om vijf voor twaalf passeerde men d egrens bij Kufstein. De reis werd voortgezet door het Inndal, via St. Johann en Kitzbuhel kwam men om 13.00 uur aan in Kirchberg. De reisleider was Klaas Komen. Na het eten ging men opnieuw wandelen naar een dorp , 1,5 km in het Spertendal. Terug in het hotel dronk men muskadel of muskaatwijn. Babs, de zuster van Jansje, raadde mevrouw Brussee aan ook een glas te nemen, maar deze mevrouw deed onder het eten niets anders dan lachen. 's Avonds was er een afscheidsavond van een groep Belgen. Om half twaalf ging men naar bed. Het hotel heette Gasthof Badhaus. De kamer van Janny en Nijs bood uitzicht op het dorp. De kamers waren eenvoudig , maar kraakhelder. Op 7 juli 1962 is men om 9 uur richting de toeristenplaats Zell am See gegaan. Men ging over de Thurn pas. Hier heeft men op het hoogste punt in cafe "Die Taurenblick'"koffie gedronken. Ze hadden uitzicht op het Taurengebergte.. Na de afdaling van de pas, kwam men om half twaalf in Zell am See aan. In het Gasthof Schwebebahn gebruikte men d elunch. 50 M van dit hotel stond een station voor zweefbanen. Hier vandaan had men een prachtig uitzicht.

1 juni 2007

Stamboom omaatje gaat vrijwel zeker terug tot 1221

De stamboom van onze overleden moeder en oma Jansje Schaft gaat vrijwel zeker terug tot het jaar 1221. Uit mij door Bart Verroken geleverde informatie (hij heeft onderzoek gedaan naar de stamboom van de familie Verroken) is komen vast te staan dat Daniel Thomas Schaft in juli 1658 in Leiden in ondertrouw is gegaan met een zekere Catharina van Roocke. Zij was de dochter van Heindrick Marcusz. van Roocke . Deze Heindrick was lakenwerker. Zijn vader Marcus was gehuwd met Susanna Brants. Op 14 april 1628 gingen de beiden te Leiden in ondertrouw. Marcus was saaiwerker. Marcus was de zoon van Bartelmeeus van Roocke die "bij Ronse in Hengou" geboren was. Bartelmeeus was de eigenaar van een weefgetouw voor saaiwerk in 1602 en wordt als zodanig ook vermeld in het door dr. Posthumus uitgebrachte werk over de Leidse textielnijverheid (deel 1574-1610). Bartelmeeus was dan weer de zoon van Marick van der Roecke en deze moet rond 1530 in of rond Ellezelles geboren zijn. Volgens Bart Verroken was Marick of Marcus 100% lid van de familie de le Rocque uit Ellezelles met wortels in Flobecq. De alleroudste vermelding van de hoeve dateert uit 1148. De oudst ons bekende voorvader was Nicholes de le Roke die in 1221 meerderjarig werd of was en toen schepen van de stad Doornik was. Gedetailleerd onderzoek naar de precieze bloedlijn wordt bemoeilijkt door het feit dat 95% van de archieven uit de streek verloren is gegaan door oorlogen en branden. Maar dat onze oma Jansje afstamt van deze Nicholes de le Roke (1221) mag vrijwel zeker zijn.